Maandelijks archief: augustus 2016

Cascaïs

 

Ik sta samen met Baudine tussen heel veel mensen. Het is donker en iedereen is stil en luistert. Ik kijk om me heen en zoek naarstig naar een krukje. Het maakt niet uit of het een krukje met drie of vier poten is. Als ik er maar even op kan gaan staan.

De Hollandse vloot in de baai spreekt af om ’s avonds met de dinghies voor het strand te ankeren. We liggen dan prima voor het podium. Iedereen neemt wat fingerfood en drank mee. We eten wraps, quiche en sandwiches en vertellen elkaar onze avonturen. Het is supergezellig en de muziek is ook okay. Omdat er een behoorlijke wind staat en de Matsya de volgende ochtend vroeg vertrekt naar het zuiden taaien we bijtijds af. Maria Gadu, een Braziliaanse sing a songwriter volgen we vanaf de boot. Deze eerste avond van het festival belooft veel goeds voor de rest van de week.

De dames van het havenkantoor zijn zeer behulpzaam. In Porto heb ik m’n camera opgestuurd naar een servicestation in Lissabon omdat de spiegel door de hitte heeft losgelaten. Ik wil ‘m graag naar de Marina van Cascaïs laten terugzenden. Da’s geen probleem. Ik laat geld achter om de rembours te betalen en ga terug op de boot online onderdelen shoppen.

Eenmaal op de boot is de rits van de bimini een centimeter ingescheurd. De volgende ochtend bekijken we de schade en die valt mee. Ik probeer te achterhalen wat de oorzaak is en kom tot de conclusie dat met de huidige constructie het een kwestie van tijd is dat het weer gebeurt. Er moet een langere rits op en aan beide kanten van de bimini een langere flap. Dat haalt de spanning van de sluiting. Gelukkig is er een zeilmaker in de haven want dat is hier niet standaard.

Het is nagenoeg windstil. We liggen op ons rug en kijken naar een gedimde sterrenhemel. Zo dicht bij Cascaïs komt ie flauw door. Om ons heen liggen nog zo’n dertig zeiljachten voor anker. De meeste hebben hun toplicht aan. Ze wiegen als aanstekers bij een concert zachtjes heen en weer. Afhankelijk van de lengte van de boot heeft iedereen z’n eigen ritme. Onze giek doet ook mee maar is iedere keer net iets te laat. ‘Heb je nog een glaasje port voor me’? Ik ga de fles halen.

Deze avond staat Fado op het programma. Na het eten stappen we in de dinghy en varen naar de steiger in de haven. Via het pad langs het fort van Cascaïs lopen we naar het centrale plein. De kademuren richting het plein zijn bezet met mensen van alle leeftijden, de sfeer is geweldig. Op het strand en het asfalt van de weg is de voorkeur kringzitten. Het plein en het dak van de parkeergarage bieden staanplaatsen. Wij banen ons een weg naar de zijkant.

Bij de zeilmaker tref ik Sofia. Ze geeft aan dat de guys er niet zijn en dat ze me bellen voor een afspraak op de boot. Ik heb de sprayhood en bimini laten zitten om de extra flappen in te kunnen meten en omdat we zonder sprayhood langzaam geroosterd worden. De temperatuur in de boot loopt overdag op tot 31 graden. ’s Avonds laat krijg ik een sms dat ze de volgende dag laten weten wanneer ze komen. Ik voel de eerste mañana, mañana’s aankomen. Als ik de volgende dag in de middag nog niks heb gehoord besluit ik om nog eens langs te gaan. Sofia en de guys zijn aanwezig en ik vraag hoe het ermee zit. Ik zie Sofia balen maar de guys lijken weinig geïnspireerd. Na wat directere vraagstelling geeft één van de guys aan dat het nu te warm is en dat hij vanavond komt. Mooi, nou, tot vanavond dan.

Op het podium staat een Portugese schone in een blauwe jurk die is genaaid zonder vingerhoed te gebruiken. Dat staat haar maatje niet toe. Je begrijpt dan ook niet het enorme volume dat ze uit haar keeltje weet te persen. Toegegeven, de muziek is vrolijk en prachtig in deze nachtelijke ambiance. Na een uur neemt ze afscheid en vraag ik aan de man achter mij of er nog een otros komt. Hij knikt. Wij blijven.

De avond gaat voorbij zonder guy. De volgende ochtend krijg ik een sms dat het druk is en dat ze de ochtend erna om 8:00 uur komen. Weer een dag wachten. Ik zet de wekker en sta de volgende ochtend paraat. Als ik de wifi aanzet ontvang ik whatsapps die midden in de nacht zijn verzonden. Ze gaan het weer niet redden. Ik ben het zat en ga m’n opties na. Dat zijn er niet veel, ik heb die gasten nodig. Zonder bimini is het geen leven. Het betreft een vestiging van een bekend zeilmerk. Ik ken de mensen op de Nederlandse vestiging en doe ze een belletje. Het resultaat is verbluffend. Binnen het uur worden m’n aanpassingen ingemeten. De volgende dag is de bimini klaar.

De wind giert weer met ruim 30 knopen over Bojangles. We liggen te zwaaien aan onze ketting en Baudine besluit achterin te gaan slapen. De ketting knarst zo nu en dan en daar valt ze niet van in slaap. Alle alarmen worden ingeschakeld en ik weet dat ik rustig kan gaan slapen. Vannacht wordt er gewaakt vanuit de bakboord achterslaapkamer.

Tot m’n stomme verbazing geeft Baudine de volgende ochtend aan dat ze heerlijk heeft geslapen en besluit die avond weer achterin te kruipen. Ik vind het prima want ik heb de captain’s bedroom helemaal voor mezelf. Pas na drie nachten gaat het mis. Ondanks redelijk rustig weer heeft ze geen oog dicht gedaan. Er waren nieuwe geluiden en de oorzaak is onbekend. Onrust. We gaan vandaag naar Belèm, een wijk in Lissabon, en ik hoop dat ze dat trekt.

Na een half uur komt Otros het podium op. De menigte gaat helemaal uit z’n dak. Ik kijk Baudine aan met een blik van dit gaat het helemaal worden. Als ze haar hoofd weer afwendt richting het podium kus ik haar zachtjes in haar hals en fluister: ‘kom je vannacht weer bij me slapen’? ‘Ja’, humt ze en we kijken verder naar wat komen gaat. Otros zet in met een paar minuten a capella en dat voelt niet goed. M’n tenen krommen en m’n haar staat recht overeind, wat een herrie. De Portugezen vinden het prachtig. Na drie nummers denk ik ‘er is genoeg touw op de boot’. Nu nog een krukje. Deze tragi-sudiciale versie van Fado doen je trommelvliezen zoveel geweld aan dat ze hun bestaan heroverwegen. Een vierde nummer kan fatale gevolgen hebben. We gaan terug naar Bojangles.

Bij ons favoriete Ierse terras met uitstekende wifi komen we Veyo en Isabella tegen. Hij is Fin, zij een Portugees met overwegend Afrikaanse landen als woonplaats. We krijgen de tip om een gegrilde kip te scoren iets verder om de hoek. Dus dat is die lucht. Heel Cascaïs ruikt ernaar. Soms afgewisseld met de geur van sardines. Als we de volgende dag naar de take away gaan staat er een rij. Een goed teken.

We bezoeken het klooster, het zeevaartmuseum en de toren van Belèm. Hebben een late lunch onder de bomen naast de rivier Tejo en gaan met de trein weer terug naar Cascaïs. Voor het avondeten hoeven we niet lang na te denken. Als de trein het station binnen rijdt ruiken we de overbekende gegrilde kippenlucht al. Vanavond staat Fado op de agenda. Geen tijd om te koken.

Na een paar dagen informeer ik naar de status van m’n camera-postpakket. De receptioniste vraagt waar ik lig in de haven. Ik wijs naar de baai. De haven kost 45 eetjes per nacht, de baai zipperdiedoeda. De eerdere behulpzaamheid draait 180 graden om en ik hang de onschuldige Hollander uit. Ik kom ermee weg en ze bellen me zodra de camera binnen is. Ik weet dat er nog veel meer pakketten komen. Fingers crossed.

Nog nooit heb ik zoveel kippen op een enorme barbeque zien liggen. Aan grote ronddraaiende spiesen zitten er vijf en ik tel twaalf spiesen. Bij de kassa bestellen we een kip die we bij de grill af kunnen halen. Alleen het kijken is al leuk. De rook wordt via twee schoorstenen Cascaïs ingeblazen, betere marketing is er niet. Er zijn twee mogelijkheden. Met of zonder piri-piri saus. Wij nemen met. Het tempo van de inpakkers en de BBQers is bizar. De kippen vliegen gegrilld en wel over de toonbank. Even later op de boot is de smaak ook uitstekend. Dit gaan we vaker doen.

We zijn inmiddels geoefende schaduwlopers. We kennen de straten van Cascaïs en weten per uur wat de beste route naar bakker, Jumbo, station of het Ierse terras is. Behendig steken we over en maken gebruik van poorten en stegen. In de middag wijken we uit voor de kippentent want de lucht is te overtuigend. Eénmaal bij de Jumbo is de beloning het grootst, airco. Dan slenteren we eerst een kwartier door de gangpaden om af te koelen. De terugweg met een volle rugzak is daarentegen erg zwaar. En ook wacht er geen beloning.

Baudine is getipt over restaurant House of Wonders. Het is een vegetarisch restaurant. Tineke van de Zanzibar is ook vegetarisch en we gaan een avond met z’n vieren uit eten. Als overtuigt vlees- en viseter sta ik er wat sceptisch tegenover. Maar, wie niet waagt wie niet wint. De locatie is erg leuk en wordt gerund door een Hollandse. Tot m’n stomme verbazing is het eten heerlijk en gevarieerd. Ik schep meerdere keren op en we hebben een geweldige avond. Volgende week komt Anne, vriendin van Baudine, op bezoek. Ik denk dat ik er niet voor het laatst heb gegeten.

We leven op dit moment een beetje in slomo en drentelen de dag door. Het is wat ik noem ‘zijn’. Als iemand voor dat we op reis gingen vroeg wat m’n verwachtingen waren dan antwoordde ik met: ‘zijn’. Gewoon een beetje voor je eten zorgen, af en toe een activiteit en hier en daar een bootklus. De wind en daarmee het weerbericht is onze belangrijkste factor. Als het hard gaat waaien willen we toch een beetje in de buurt blijven. Verder hoeven we niks en toch vliegen de dagen voorbij. We kunnen wel wennen aan ‘zijn’.

Onderweg naar Lissabon

We liggen voor anker in de baai van Cascais. Het is ochtend en mistig. Ik zie nog net een paar andere boten om ons heen maar Cascais zelf is onzichtbaar. De komende 10 dagen is er een festival en vanavond is de aftrap. Ik ben benieuwd of we dat kunnen hendelen. Als de muziek okay is maakt een beetje herrie ons niets uit. Sterker nog, we vinden dat prima als we ’s avonds in de kuip nog een borrel drinken en meeluisteren. Ook is het heerlijk in slaap vallen.

Het vertrek uit Porto stellen we nog een dag uit. Ik ben vanochtend naar de hypermercado geweest om alle voorraden weer eens aan te vullen. Ze hebben een wegbrengservice naar de haven. Het loopt allemaal niet zo als gedacht. Ik sta bij kassa 18 en dat is voor de wegbrengservice niet de bedoeling. Dan moet je bij kassa 31 zijn. Als ik de boodschappen weer van de band wil inladen geeft de cassiere aan dat ze het wel even regelt via kassa 18. Na driekwartier is het rond en wil ik graag mee terug met de wegbrengservice zodat ik niet 5 kilometer hoef terug te lopen. Helaas, de wegbrengservice start ’s avonds tussen 18:30 en 20:30 uur. Dat wordt dus een dagje extra in Marina Douro. Ook geen straf.

Onderweg naar Avero hebben we een lekker windje. We proberen verschillende zeilcombinaties om ons voor te bereiden op het passaatzeilen. Ik ben nog niet tevreden en bedenk welke aanpassingen ik wil hebben. Ondertussen vangen we nog een makreel en tegen de avond gooien we het anker uit. We gaan vroeg naar bed want de volgende ochtend willen we om 5:00 uur vertrekken. De wekker staat op 4:30 uur. Onze target is de haven van Nazaire.

Er liggen 2 havens in Nazaire. In de pilot wordt er duidelijk één omschreven als de plek die je moet hebben. Gerund door een ouwe Britse kapitein en z’n Sally. Dat klinkt gezellig. Maar als we de hoek omkomen worden we geroepen en naar de andere haven gestuurd. Er is nog een plek voor ons. Baudine heeft alle lijnen en fenders klaar gelegd en kijkt waar we heen moeten. Haar toon wordt directiever en ze straalt opeens een zelfvertrouwen van heb ik jou daar uit. Dan zie ik de oorzaak op de steiger staan. Het is de tweelingbroer van Chris Seegers. Ik parkeer de boot en wacht rustig tot mevrouw is uitgekeuveld. Eenmaal terug in de kuip heb ik weinig tegenstand als ik opper om niet de volgende dag meteen door te gaan maar een dagje Nazaire centrum te bezoeken. Baudine gaat nog even naar het havenkantoor om de paperassen af te handelen.

De tocht naar Nazaire is ronduit ruk. Er staat een korte hoge golfslag en er is weinig tot geen wind. In de ochtend vermaken we ons met het ontwijken van de Portugese visserspotten in de mist. In de middag overheerst de ergernis aan het geklapper en gekraak van zeilen, lijnen en giek. Je wordt er stapelgek van.
Nazaire is bekend van de hoge golven. Voor de kust loopt onder water een canyon die ervoor zorgt dat bij bepaalde wind en wat swell de golfhoogte kan oplopen tot 30 meter. Het is dan ook de plek voor kamikazesurfers. Je kunt het je niet voorstellen. Gelukkig gebeurt dit alleen in de periode van november tot februari en kunnen wij rustig richting de haven. Zoek gerust even op youtube naar Nazaire en waves.

Baudine d’r kroon laat tijdens het eten los. Ze baalt ervan en we moeten op zoek naar een tandarts. Via het havenkantoor van Cascais maken we voor dezelfde dag nog een afspraak en die avond is alles weer gerepareerd.

We fietsen naar het centrum van Nazaire. Het is een toeristische stad met smalle straten en heel veel Portugezen die er vakantie houden. Naast onze gebruikelijke stops bij de mercado municipal, watersportwinkels en prularia shops gaan we op zoek naar een restaurant om te lunchen. Uiteindelijk schieten we raak bij een local tentje met uitsluitend schelpvoer. We bestellen de big plate met mosselen, meche en becheberos. Flesje witte wijn erbij en de dag kan niet meer stuk. Aan het einde van de middag fietsen we terug.

Er staat weer geen wind als we ’s ochtends om 6:00 uur de zee opvaren richting Cascais. Het wemelt weer van de vispotten en ik besluit wat verder uit de kust te gaan varen. Gelukkig wordt het snel licht en hoeven we niet permanent aan beide kanten van de boot buitenboord te hangen. Baudine ziet in de verte wat in het water. Het zijn dolfijnen. Ze lijken van ons weg te zwemmen. Als we ze passeren zien we ze omdraaien en achter de boot aankomen. Zoveel hebben we er nog niet bij elkaar gezien. Ze zwemmen een half uur met ons mee, maken ruzie wie er dicht bij de boot mag en klappen daarbij behoorlijk hard tegen elkaar aan. Het is echt supergaaf. Voor de liefhebbers download: https://we.tl/R2P0Kfsv2f
Alleen de laatste 5 mijl kunnen we zeilen. De rest van de dag moeten we motoren. De golfslag is weer normaal en daarmee het geklapper ook.

We nemen het besluit om vanaf Cascais in één keer naar Madeira te zeilen. We blijven daarom de komende weken in de baai liggen. De ankergrond is hier top, Cascais is leuk, we kunnen makkelijk met de trein naar Lissabon en kunnen pakketten vanuit Nederland naar de jachthaven laten sturen. Kortom van alle gemakken voorzien.

Het filmpje van Porto en de Douro is nog een paar dagen te downloaden op:

https://we.tl/93xfAUHKZR

Porto

We varen achter de rib van de haven de Douro op. Het is niet diep en ik moet achter hem aanvaren. We boeken voor drie nachten en krijgen een plek met een vingersteiger. De haven is hypermodern en de prijs ook. Als je gewend bent aan gratis ankeren is het verschil aanzienlijk. De haven heeft echter een topterras en dat maakt het weer goed. De teaser luidt “best sundown at the Atlantico” en daar liegen ze niet heel veel bij.

We pakken de ferry naar de andere oever en een boemeltram de stad in. We slenteren door Porto en het is weer bloedheet, in de stad tegen de 40 graden. Baudine wil graag naar de wijnboeren en die hebben hun pakhuizen en proeflokalen aan de andere kant van de rivier. Via de Louis I steken we over en genieten van de weinige wind op de brug. Zodra we een tafeltje hebben bestellen we een paar tapas en vullen we het vochtgehalte aan. Daarna gaan we proeven en niet veel later loop ik op m’n blote voeten met een kist wijn en port op m’n nek terug naar de haven. M’n gympen krimpen naarmate de dag vordert. Morgen toch maar weer slippers aan.

IMG_5345

Op de aangewezen locatie komt de gids niet opdagen. Baudine heeft ’s avonds nog een stadswandeling geboekt maar deze is niet bevestigd. Na een half uur geven we het op en gaan zelf op pad. Het is nog vroeg en we bekijken een hoop ouwe stenen en het stadspark. We zijn trots op onze inspanningen en gaan bijtijds op zoek naar een lunchtafeltje. De beloning zit aan de kademuur met uitzicht over de Douro en de pakhuizen aan de overkant. Op het treinstation kopen we kaartjes voor Pinhao voor de volgende ochtend en sluiten af op het haventerras.

Ik zit op een wifi terras downtown Porto. Op m’n iPad verschijnt via Airdrop een strandfoto van een Portugese schone zonder kleren aan met de vraag of ik wil accepteren of annuleren. Ik kijk het terras rond en zie het 3D exemplaar zitten. Met kleren aan. Tegenover haar zit haar vriend met z’n gezicht schuddend in z’n handen. Hij kijkt me aan en wil het liefst spontaan oplossen. Ik kijk begrijpend terug en gebaar anular vraagteken. Hij knikt.

De haven ligt aan de monding van de Douro. Het stadje erachter ziet er met heel veel vervallen huisjes niet best uit. Naast de haven ligt een wasserette waar de vrouwen hun was op de hand komen doen en daarna op een parkeerplaats vol met stokken en lijnen laten drogen. Tegenover de wasserette ligt de bushalte waar we bijna iedere ochtend vroeg staan. Ook hier is het een drukte van jewelste met vrouwen die met emmers, plastic zakken en kisten vol vis de bus instappen. Ik denk dat het marktvrouwen zijn want ze kunnen niet praten. Ze schreeuwen tegen elkaar. In het bushok, bij het instappen en tijdens de rit. Ze kennen de buschauffeur goed want bij het instappen wordt hij veelvuldig gezoend. Ze verspreiden zich dan in de bus en zetten hun schreeuwgesprek voort. Zo nu en dan stopt de bus midden op een kruispunt en stapt er één uit met haar vis. Als ook de laatste is uitgestapt zijn we bijna in Porto en is er rust.

We hebben de perfecte dag. Alles loopt op rolletjes. We missen de trein niet, we kunnen zowaar zitten, het uitzicht is geweldig en het is niet te warm. Om 11:30 rijdt de trein Pinhao binnen en boeken we een minicruise op de Douro. Deze vertrekt pas halverwege de middag dus tijd genoeg om te lunchen. De tafel staat onder een grote luifel en er waait een koele wind. Als we iets te zeuren zouden moeten hebben dan is het de brandlucht want half Portugal staat in de fik. De boot is inmiddels grijs en vanuit de trein zien we verschillende branden en rokende heuveltoppen. In totaal woeden er zo’n 200 branden.

Ze trotseren al een tijd lang de zon. Ze gebruiken geen zonnebrand en zijn toch perfect van kleur en glans. Zij kijken vanaf hun terrassen naar ons en wij kijken vanuit de boot naar hen. De druiven in de Douro staan er goed bij. Eeuwenlang hebben de Portugezen de flanken van de heuvels bewerkt om iedere wijnrank een optimale plek te geven. Tussen de gevels ligt af en toe een Quinta. We zien die van Sandeman, Dow en Kopke. Kapitale landhuizen waar ieder jaar hetzelfde proces wordt herhaald. Groeien, rijpen en rusten. Tijd is hier een handelswaar.

Of ik de boot wil sturen? Tuurlijk wil ik dat. Na 10 minuten opscheppen over zeilen op de oceaan geeft de kapitein van de cruiseboot graag het stuur over. Ik neem plaats en stuur de traditionele Rabelo over de Douro. Tijdens de tocht vertelt hij dat ie onzeker is over z’n kapiteinschap omdat de boot niet altijd naar ‘m luistert tijdens het aanleggen. Z’n baas is daar niet happy mee. Ik kan het daarom niet laten om bij terugkomst met een staal gezicht te vragen waar ik het schip moet parkeren. Ik zie de twijfel als hij dapper de plek aanwijst. Zou z’n baas dit wel goed vinden? Het is een cruise met een glaasje port maar als tegenprestatie voor het sturen hebben ze mij een fles gegeven. Dom, dom, dom. Gelukkig overheerst het verstand en geef ik tijdig het roer weer terug.

IMG_5378

Op de terugweg in de trein is het megadruk en komen we Paula tegen. De reis duurt meer dan 2,5 uur en we hebben gelukkig een zitplaats. Paula staat in het midden van de coupé en spreekt vloeiend Portugees, Spaans, Frans en Engels. Sterker nog, per taal wisselt ze consequent van mimiek en persoonlijkheid. In de coupé zitten en staan Portugezen, Spanjaarden, Fransen, Engelsen en twee Hollanders. Paula wil tv-presentatrice worden. Dat gaat haar wel lukken. Het is een leuke terugreis. Alle gesprekken lopen via haar, iedereen begrijpt elkaar en we hebben een hoop lol.

Van Spanje naar Portugal

Ik sta in de Froiz, de supermercado van Baiona, bij de vleeswaren. Nummertje 39 wordt geholpen. Ik heb nummertje 52 en heb honger. ’t Enige dat ik nodig heb is een ons chorizo en een hele kip voor de BBQ van morgenavond. Om me heen staan de chickies uit ver vervlogen tijden. Samen met de slager doen ze een soort Max geheugentrainer want iedereen die aan de beurt is neemt de historie van de afgelopen 50 jaar met hem door. En als het voorkomt dat het verhaal niet helemaal klopt dan springt de rest bij. Het ergste is als er twee kampen ontstaan die beide de waarheid in pacht hebben. Ik besluit de winkel uit te lopen, even verse sinaasappelsap te halen bij de fruitwinkel en alvast stokbrood te kopen. Als ik terugkom in de Froiz is nummertje 44 aan de beurt. ’t Gaat lekker vandaag.

Op de terugweg loop ik langs de enige bushalte in Baiona. Deze is gekaapt door negen caballeros uit de jaren ’20 van de vorige eeuw. Het is een strategische positie. Ze hebben uitzicht over de boulevard en de hoofdstraat, kunnen het strand in de gaten houden en zien als de bus stopt wie de stad uitgaan of binnenkomt. Maar bovenal hebben ze schaduw en wind. Waar ze over praten weet ik niet maar ook hier zijn ze het niet altijd eens met elkaar. Ze zwaaien en wijzen met hun stokken.

‘Wanneer vertrekken jullie richting Portugal’, vraagt Mark. ‘Ik denk overmorgen’ antwoord ik. Het hangt af van onze aanvraag voor een permit tot de eilanden, Cies. We hebben ‘m vijf dagen geleden ingediend bij de Xunta de Galicia maar er is weer een festibo van een dag of vier. Er wordt dus niet gewerkt. Tineke geeft de aardappelsalade door en Suzanne draait de courgette op de barbecoa. We zitten aan een grote stenen tafel aan het strand van Cangas. Henk eet z’n kippetje en Coen klautert bij iedereen op schoot. Ik probeer Coen pinkelen te leren maar dat lukt nog niet helemaal. De wind is gaan liggen en de zon zakt achter de berg. Eindelijk een beetje koelte. We kletsen en eten en weten ook nog een koffie bij een tentje even verderop te versieren. Als het opkomende water bijna bij onze dinghies is pakken we de boel in en vertrekken. De kolen in de BBQ branden nog volop dus die moet ik heet mee de dinghy in nemen. Baudine stuurt ons rustig terug en we komen zonder kleerscheuren weer op de boot. ‘Zullen we morgen de afwas doen en nog even Friends kijken’? ‘Goed plan schat’. Heerlijke dag met een topavond!

Als we ’s avonds teruglopen naar de boot heeft een Spanjaard z’n vaarbak wel op een hele aparte manier geparkeerd tegen de Engelsman achter ons. De capitano maakt vocaal en met de motor een hoop herrie maar luistert slecht naar alle Duitse, Engelse en Portugese adviezen. Ik bemoei me er niet mee en kijk alleen maar of er risico’s zijn voor Bojangles. De Spanjaard ligt niet parallel maar onder een behoorlijke hoek tegen de Engelsman. Het probleem is dat als het tij kentert de stroming de boot van de Spanjaard naar ons toe drukt. Het tij kentert om 4:00 uur ’s nachts. Als de rust terug is ga ik polshoogte nemen. Er is geen lijn aan ėėn stuk. Alles zit aan elkaar geknoopt. Ik word hier niet blij van.

De volgende ochtend worden de verzekeringspapieren uitgewisseld want de Spanjaard heeft bij het aanleggen de Engelsman geraakt. De geschatte schade is €1500,- Dan vertrekt de Spanjaard en de hele steiger is blij. Een andere Engelsman komt met een emmertje aan boord om de schade te repareren, hij vult het gat op en werkt het af met gelcoat. De rekening is a couple of beers and the payment for a night in the marina. Zo werkt dat hier.

Baudine en ik beklimfietsen de berg naar het Castello van Viana. Wij zijn hier niet voor gebouwd maar volbrengen het wel. Het uitzicht is geweldig en we vergeten snel onze beproeving. De terugweg zorgt ervoor dat de nieuwe remblokken goed worden ingesleten. We kopen mosselen voor de avond en vragen of Suzanne, Mark en Coen komen eten.

image

De tocht naar Portugal begint rustig. We motoren de Ria uit en ter hoogte van Baiona krijgen we wind. We hebben vol zeil opstaan en lopen al snel 8 knopen. Als we pal voor de wind varen willen we de boom er inzetten maar dat lukt niet. De boot rolt nogal en de wind trekt verder aan. Op alleen het grootzeil lopen we nog steeds dik 8 knopen. Als de breakwater van de haven in zicht komt gaat het nog harder en tikken we de 12,5 knoop aan. We surfen met onze drieënveertig voeter over de golven. Het is spectaculair met mooie grote golven. In de pilot staat dat je voor de breakwater in de vaargeul kunt ankeren. Ben benieuwd welke gek dat ooit serieus heeft genomen.

In Viana wemelt het van de nederlanders. Wij vinden dat vreemd want in de Ria’s kwam je ze niet tegen en hoewel Viana echt okay is zijn de Ria’s echt geweldig. ’t Zullen de kosten zijn want Viana is nog goedkoper. Een biertje op het terras €1,- en een kilo mosselen €1,49. Lekkerrrrrr.

Ineens valt het me op. Ik zie een scootmobiel voorbij komen. De eerste die we na Biskaje tegenkomen.

image

Vandaag staat Leixos op het programma. De stad ligt 2 mijl boven Porto en je kunt met openbaar vervoer snel naar Porto centrum. Het regent zowaar of het zijn druppels mist want het zit potdicht. We zetten de radar aan en varen de haven uit. In de geul pikt een Belg onze steven op en houdt deze een mijl of 15 vast. Er staat te weinig wind om te zeilen. Baudine en ik zitten beide aan een kant van de boot om de Portugese vispotten te ontwijken. Weer een uur later kan de motor uit en zeilen we verder om tegen de avond de haven in te varen. We gaan voor anker en ruimen de boot op.

Leixos ziet er behoorlijk industrieel uit maar de oude kern heeft iets echts. We gaan lunchen. Het tentje heeft de tafels midden op de weg uitgestald en de barbeque ruikt en rookt prima. We kunnen kiezen uit vlees of vis en kiezen voor de steak. Goede keuze want even later worden twee medium gebakken carnes van de barbeque geserveerd. Na de hap vragen we waar de viswinkel is. De ober vraagt ons hem te volgen en brengt ons wel even met de auto naar de vismarkt. We kopen zeebaars en wandelen terug naar de boot. Henk en Tineke komen nog even langs en daarna gaan we kokkerellen. Om 23:30 zitten we achter onze vis.

Porto is geweldig. De stad ademt en bruist van het verleden, de terrassen en prachtige straatjes. We zijn met dezelfde bus als Mark, Suzanne en Coen gekomen en slenteren van de capuchino via de lunch naar de borrel door het centrum. Onderweg eten we een ijsje. Het is bloedheet en Coen is in opperbeste stemming. Het is een heerlijke vent. Gisteren was hij hij jarig en mochten Baudine en ik op z’n feestje komen. Baudine heeft slingers voor hem gemaakt en een kiepauto ingepakt. Coen oefent zijn woordjes en gaat van schoot naar schoot. Af en toe doet hij een rondje kuipklauteren.

Morgenochtend varen we de Duoro op en gaan in de haven van Porto liggen. Er is hier genoeg te beleven.