Maandelijks archief: juli 2017

Decoratie (moeders part IV)

“Nel, hou ’s op. Dat kan echt niet!” Baudine staat stomverbaasd te kijken. “Uh, nee hoor Baudine, het is een nepstengel. Het is decoratie.” “Zal wel.”

Baudine der verjaardag is een groot succes. Vanwege het tijdverschil starten de felicitaties al midden in de nacht en het zijn er veel. Ze is helemaal in haar nopjes. We hebben een rustige ochtend en treffen nog wat voorbereidingen voor ’s avonds en ’s middags. Om halfdrie stappen we samen in de dinghy en gaan onderweg naar de ijsboer. De drank staat in een grote plastic ton en die laten we vol ijs gooien. Daarna gaan we richting Barbara Beach. Een kwartier later volgen de andere Nederlandse boten die ook moeders hebben opgepikt. Er klinkt lang zal ze leven en Hoera. Baudine pakt haar kado’s uit en geniet volop van haar jarig zijn. We hebben veel lol en een heerlijke middag in het water. Om een uur of vijf taaien we af en komt iedereen bij ons aan boord BBQ-en. Ja, Baudine is echt jarig.

Ik zit buiten in de schaduw aan een tafel te genieten van m’n vierde bord. Na de ceviche en een bord vis is het gebraad aan de beurt. Daarna volgt nog een bord vlees en steken we via de pasta over naar de kaasplank. Tot slot gaan we een kijkje nemen in de toetjeskamer. Mocht je nog geen last hebben van cholesterol dan loop je het hier met zekerheid op. Wat een heerlijkheid. We zijn op het landgoed van Santa Barbara Beach en Golf Resort. Om precies te zijn in het restaurant. Voor een respectabel bedrag zijn we aangeschoven bij de brunch. “All you can eat” is normaal gesproken niet onze favoriet maar omwille van de rijke variatie en het feit dat de drank is inbegrepen knijpen we een oogje dicht. Hier gaan ze spijt van krijgen. We benutten de volle drie uur en laten om 2 minuten voor drie de glazen nog eenmaal vol schenken. Hollandser kan haast niet.

Ook moeders smikkelt er vrolijk op los. Samen met Baudine gaat ze weer op rooftocht en komt niet veel later met een gevuld bord terug. Baudine laat nog even op zich wachten. We zijn bezig met de afrondende dagen van moeders verblijf op Curacao. Met een auto hebben we het eiland verkent en verschillende plekken bezocht. Ook Baudine komt terug van haar strooptocht. “Heeft je moeder het al verteld?” “Nee schat, niet dat ik weet.” Ik kijk mams bestraffend aan. “Ze pakt een soepstengel, neemt er een hap van en zet hem weer terug in de pot!” Ik kijk mams nog strenger aan. “Het waren nepstengels, ze waren droog, stonden in een bak zand en er zat geen smaak aan. Volgens mij zijn ze van plastic.” “Ze stonden in grof zout.” “Mam, ze zullen naast al het eten toch geen plastic nepstengels zetten? We zitten hier in een poepchic restaurant.” “Nou, zo smaakten ze niet.”

Als ik even later weer een bord ga halen neem ik ook een stengel mee. Lekker krokant, niets mis mee. We hebben de rest van de dag lol om de soepstengel. Dit verzin je toch niet.

Curacao is top. Het weerbericht voor de komende maanden is standaard omtrent de 29 graden Celcius en de windkracht is 5 tot 6 Beaufort. Als er eens een keer een bui valt dan duurt dat hooguit 10 minuten. Op donderdagavond is er captains diner waarbij ook de boordkoks mogen aanschuiven en verder bestaat het leven uit boodschappen doen, poetsen, klussen en af en toe een nieuw strand ontdekken. In dat ontdekken an sich worden we trouwens steeds beter. Overal waar we komen is het zaak om uit te vinden hoe het transport werkt, waar de winkels zijn, de snelste gratis Wifi en wat de must do’s zijn. Nieuw op Curacao is het feit dat Camping Gaz niet langer tot de mogelijkheden behoort. Veel boten zijn bezig om hun systeem om te bouwen naar de Amerikaanse gasfles. Dat valt allemaal niet mee omdat wij, Europeanen, gebruik maken van linksdraaiende fittingen en hier verder alles rechtsdraaiend is. Bojangles heeft een extra dilemma omdat de gasbun slechts groot genoeg is voor een camping gaz tank. Daarom wordt de naaimachine weer van stal gehaald en wordt er een nette hoes voor een Amerikaanse gastank gefabriceerd. Deze doet dienst als gasbun en beschermt de fles tegen de zon.

This is sailing yacht Bojangles. Out!

Curacao (moeders part III)

Terwijl ik op een bank zit strek ik m’n tenen naar voren en druk ze daarna rustig tegen de harde ondergrond. Het voelt goed en ik ga verder door ze te krommen en de rest van m’n voet mee naar voren te schuiven. Op de automatische piloot herhaal ik de beweging en zie m’n voet langzaam naar voren gaan. Nog voordat aan het einde van het bereik ben til ik het zaakje op en zweef even heen en weer voordat ik ‘m weer neerzet. Ondertussen krijg ik een euforisch gevoel over me. Ook als ik even later het niet kan laten om m’n wreef stevig op de rand van de steen te drukken zodat m’n gespannen voetspier zich heel even op een massagetafel waant. Herinneringen komen terug want sinds lange tijd zijn we weer in land met een stoep. Gewoon zo’n stoep met tegels waar je overheen kunt lopen. Er zijn geen hindernissen, geen diepe gaten. Er is weer sprake van structuur. Houvast. Tegels die netjes gerangschikt aansluiten zodat je er ongestoord overheen kunt lopen. Wat een verademing.


Het geluksgevoel wordt de volgende dag nog groter als we met de bus naar de supermarkt gaan. Als we uitstappen gaat Baudine de supermarkt in en ga ik linksaf om naar Budget Marine, de ship shop. Hoe ze aan de naam Budget komen weet ik niet. Beter zou Goudmijn Marine passen. Enfin, als ik even later weer gedesillusioneerd de winkel verlaat en de supermarkt binnenloop weet ik het meteen. Er loopt hier binnen iemand rond te gnotteren van geluk. Brede lanen met van alles wat we lang niet meer hebben gezien of geproefd. Vers vlees in plaats van diepvries. Echte verse melk. Het kan niet op. Wat een assortiment, wat een keuze. Als ik bij het passeren van het vierde laantje Baudine aan het einde van het pad zie staan maken we oogcontact. Haar bodylanguage spreekt boekdelen. Ze is helemaal happy-de-peppy. Dat worden dure maanden op Curacao.

Als we uiteindelijk de haven van Chaguaramas verlaten loopt het al halverwege tegen de middag. We zijn licht gespannen want vandaag staat het vertrek richting Curacao op het programma. We verwachten een tocht van vier a vijf dagen. In tegenstelling tot de eerdere dagen staat er een straffe wind. Ter hoogte van Scotland Bay kijken we elkaar aan en piepen toch nog even de baai in om het anker uit te gooien. Zoveel wind hadden we nu ook weer niet verwacht. Na een paar uur trekken we het anker weer op en varen de Caribische zee op. Hijsen de zeilen met 2 riffen en zetten een aan de windse koers. Bojangles maakt moeiteloos snelheid en niet veel later lopen we een dikke 8 knopen. We proberen relaxed naar elkaar over te komen maar zijn dat niet. Ik weet nu hoe alles precies in elkaar zit en er zijn een boel nieuwe geluiden waar we aan moeten wennen.


De eerste nacht worden we overvallen door een squal. Ik heb wacht en lig op m’n rug een spelletje op de iPad te doen. De windkracht is 3 a 4 Bft en we zeilen nog steeds een aandewindse koers. Dan voel ik ineens de wind aantrekken en nog geen 20 seconden later staat er 7 Bft op de teller. Terwijl ik naar Baudine schreeuw dat ze moet komen probeer ik het motorsleuteltje te bereiken. Deze moet aan om het schip in de wind te leggen en nog meer zeil te minderen. Ik vecht me een weg naar stuurboord terwijl de boot een behoorlijke helling maakt. Onder begeleiding van een paar krachttermen haal ik de andere kant van de boot en start de motor. Gas er op en tegen de wind in. Nadat we een kwartier als team te werk gaan is alles weer onder controle. Baudine en ik zijn drijfnat. Ze droogt zich af en mag nog een uur slapen voordat we gaan wisselen. Ik zet de radar bij zodat we de squals eerder zien aankomen en kunnen ontwijken. Om het feest luister bij te zetten barst ook het onweer om ons heen los. En als ik ergens een hekel aan heb is het onweer. De rest van de nacht blijft het onstuimig.

De volgende dag kunnen we iets afvallen en halve wind gaan varen. We varen nu tussen 9 en de 10 knopen op een comfortabele zee. Toch blijft het gevoel gespannen. We moeten opnieuw gaan vertrouwen in het schip en dat gaat mondjesmaat met dit weer. Gelukkig is het de dag erna optimaal. Er staat weinig zeegang en de wind is stabiel 4 Bft. Baudine kan weer lachen en leest een boek. We bellen met de satphone naar onze moeders en maken chili con carne. Nog maar 36 uur te gaan.

De laatste nacht is kortweg gezegd klote. Vanaf het vaste land van Venezuela komen grote depressies vol onweer over. Normaal kun je wel zien waar het onweer zit. Links of rechts, of voor of achter de boot. Op de radar is normaliter een roodgele vlek zichtbaar waarin de bui en het onweer zitten. Nu ziet het merendeel van het scherm roodgeel. Er is geen ontkomen aan. Baudine en ik zitten in de stortregen te hopen dat het over gaat. Na ruim 2 uur varen we weer een beetje in het zwart en drijft roodgeel stuurboord uit. Wat een ellende.

De laatste dag passeren we Bonaire en weten we dat we Curacao niet met daglicht gaan halen. Ik heb geen zin om nog een nacht op zee te zitten en geef Baudine aan dat we hoe dan ook naar binnen gaan varen om te ankeren op het Spaanse water. Via de marifoon hebben we contact met de Ti Sento op Bonaire en niet veel later met de Zahree en de K’dans op Curacao. Het is een heerlijk welkom. Om 21:00 uur varen we door de nauwe ingang naar binnen en niet veel later laten we het anker vallen. Tijd om lekker te gaan slapen.


We ruimen de boot op en maken ons gastverblijf in orde. Aan het einde van de middag BBQ-en we op de K’dans, borrelen op het strand met de Zahree en spreken we af met Bluenose in Punda. En dan is het zover. De dag waarvan je wist dat ie zou komen. Moeders arriveert op Curacao. We pikken haar op van het vliegveld en nog geen paar uur later zitten we met de andere Nederlandse boten op onze vertrouwde borrelplek aan zee. Moeders geniet zichtbaar van alle belangstelling.

Nicht Karin is ook weer van de partij op Curacao en vraagt of we zin hebben om samen met de KLM crew een middag op stap te gaan. Maar natuurlijk Karin, daar zeggen we geen nee tegen. We spreken af in het hotel om vervolgens in een grote sloep te stappen en het water op te gaan. Voor een halve dag zijn we getuige van een superleuke en te gekke KLM cultuur. Men kent elkaar niet, vliegt de halve planeet rond, rust gezamenlijk een dag uit en vliegt dan weer terug. Wij proberen low-profile met hen mee te doen en dat lukt het eerste deel van de dag vrij aardig. We willen de aandacht niet op ons vestigen. Zij hebben keihard gewerkt en kort geslapen, wij lantefanteren wat op onze boot en hebben alle tijd van de wereld. Maar dan gaat het toch echt mis. De kapitein van de sloep geeft aan dat er gesnorkeld kan worden. Baudine en ik springen het water in om de vissen te bekijken. Het is adembenemend mooi. “Hey Mam, kom ook. Dit mag je echt niet missen”. Na enige overreding wordt overgegaan tot badpak tenue en staat alleen het zijboord van de sloep nog tussen de vissen en onze gelegenheids marinier. Ze wil via de trap het water in maar deze wordt tijdelijk verspert door de ober. Dan maar gewoon er in springen is het devies. Ik zie haar ietwat moeizaam op het zijboord staan en dan de stap naar het diepe maken. De dood of de gladiolen zeggen ze in het wielrennen. Nou, de dood wordt het gelukkig niet. Maar ook zeker geen gladiolen. Eerder brandnetels of cactussen. Er wordt wild om zich heen geslagen en geproest. Baudine en ik zijn er als de kippen bij. “Gaat het?” Geen antwoord. We houden onze drenkeling boven water terwijl die de ene hap zeewater na de andere naar binnen slikt. Als alles wat rustiger is vraag ik of ze, nu ze toch in het water ligt, niet even naar de visjes wil kijken. “Dat doe ik wel zonder zo’n masker.” “Mam, dat kan niet.” En niet veel later krijg ik toestemming om haar de duikbril op te doen. Nou, die vissen moeten hebben gedacht dat het verlaat carnaval was want de bril had een soort alaaf achtig stand op mams hoofd. “Ik wil er uit.” Baudine en ik helpen haar richting de zwemtrap van de sloep. Ondertussen is de voltallige KLM crew ook in opperste staat van paraatheid. Gespannen kijken we met z’n allen hoe de klim naar boven verloopt. Baudine en ik duwen en hangen onder aan de trap. Door de zeegang gaat de sloep af en toe behoorlijk heen en weer. Boven aan de trap staan de kapitein en de ober aanwijzingen te geven. “Nog één trede en dan bent u er mevrouw.” Ja, nog één stap. Maar dan zie ik het mis gaan. De handen schieten los en er is niets meer aan te doen. Langzaam stort moeders naar achteren en Baudine en ik kunnen nog net wegduiken om onmiddellijk weer over te gaan naar drijfstand. We gaan het opnieuw proberen. Nu tezamen met de vele KLM handen duwen we totdat moeders over de rand van de sloep verdwijnt. Ze is binnen. We zijn niet langer onopgemerkt.


This is sailing yacht Bojangles. Out!